Net als bij de Tengere Grasjuffer ruitvormige meestal 2-kleurige pterostigma's en ronde achterhoofdsvlekken. S8 blauw, of bruin/grijs, in ieder geval lichter dan de rest van het achterlijf.
Vrouwtjes zeer variabel, met blauw of donker S8, met brede of smalle donkere band boven op het borststuk, en in velerlei kleurvariaties, van geel tot purper (en zelfs zwart).
Zeer algemeen bij allerlei wateren.
| Noord-Nederland: | Zeer algemeen. |
|---|---|
| Nederland: | Zeer algemeen. |
| Vliegtijd: | mei tot september. |
Bij bijna alle wateren, mits niet te zuur. Zelfs bij brak, sterk voedselrijk of verontreinigd water.

Volwassen mannetje. S8 is typerend, waarbij het blauw aan de zijkant naar voren en naar achteren uitloopt. Let ook op de pterostigma's en de achterhoofdsvlekken die typerend zijn voor het geslacht Ischnura.

Jong mannetje.

Vrouwtje met blauw S8 en brede rugband.

Vrouwtje met nagenoeg zwarte S8 en smalle rugband.

Paringswiel (vrouwtje is forma typica).

Paringswiel (vrouwtje is forma infuscans).

Paringswiel (vrouwtje is forma infuscans-obsoleta).

Eiafzetting (forma infuscans-obsoleta en forma typica).

Net uitgeslopen dier.

En nog een...

Dit bijna geheel zwarte mannetje is melanistisch (het tegenover gestelde van albinisme - albino vormen). Dit komt maar zeer zeldzaam bij libellen voor, maar is algemeen bij sommige nachtvlinders, zoals de Peper-en-Zoutvlinder. (Foto: © Fotoeye).