| Algemeen: | Grote Glazenmaker met egaal groen borststuk zonder schouderstrepen. Achterlijf i.h.a. groen of blauw met bovenop donkere lengtestreep. |
|---|---|
| Ogen: | Bovenkant bij jonge dieren grijs of bruin, bij oudere dieren groen of blauw. Onderkant geel tot groen. |
| Poten: | |
| Borststuk: | Nagenoeg egaal groen. |
| Achterlijf: | S1 groen, rest met donkere lengtestreep over het gehele achterlijf. Verder bij jonge dieren bruin, vrouwtje blauw of groen, en mannetjes blauw. Normaliter geen zadel op S2. |
| Vergelijk ook: | Zuidelijke Keizerlibel, Zadellibel. |
Zeer algemene soort die bij allerlei soorten stilstaand water soms en masse kan worden waargenomen.
| Noord-Nederland: | Algemeenste glazenmaker |
|---|---|
| Nederland: | Zeer algemeen |
| Vliegtijd: | juni tot september |
Niet op hoogveen of zure vennen, verder bijna overal.

Volwassen mannetje - let op de egale zijkant van het borststuk, de groene ogen en het blauwe achterlijf met de zwarte streep erover. Mannetjes hebben een insnoering aan het begin van het achterlijf die vrouwtjes missen.

Groen vrouwtje.

Zelfde dier.

Patrouillerend mannetje, zoals die meestals te zien is: blauw met zwart achterlijf en groen borststuk.

Afgevlogen eiafzettend blauw vrouwtje. Deze vrouwtjes zijn van mannetjes te onderscheiden doordat het begin van het achterlijf nauwelijks is ingesnoerd (zie foto mannetje)

Closeup van een net uitgeslopen vrouwtje. Mn de ogen hebben hier nog niet de "volwassen" groene kleur.

Jong mannetje.

Eiafzettend vrouwtje met een enigszins afwijkend uiterlijk. Door het blauwe zadel zou dit dier met andere Anax-soorten, zoals de Zuidelijke Keizerlibel (Anax parthenope) verward kunnen worden, maar het groene borststuk geeft een duidelijke clue dat het hier wel degelijk een Grote Keizerlibel betreft.

Nog een eiafzettend vrouwtje, nu een groene.

Net uitgeslopen vrouwtje (met een ongelukje). Het achterlijf moet nog op kleur komen.

Closeup van een vrouwtje.